Zuiderzeeroute, met vouwfiets

   388km: goed voor zes dagen puur fietsplezier. Langs oude handelsstadjes, vissersplaatsen, bos en polder. Nederland is gemaakt door de Nederlanders dit komt goed tot uiting onderweg en zeker voor wie de Afsluitdijk op moet.

 

Zuiderzee.

 

Dag één: Amsterdam-Hoorn: 49km.

           Na een vlekkeloos verlopen treinreis (overstap te Antwerpen) kom ik iets na 10u aan te Amsterdam. Vouwfiets in orde brengen, is een wip gebeurd. De Ortlieb tassen kunnen dankzij de gemonteerde normale bagagedrager probleemloos aangehaakt worden. Met enige moeite en een paar keer de weg vragen kom ik Amsterdam uit. Een opluchting wanneer ik het eerste bordje in het vizier krijg. De Zuiderzeeroute is in twee richtingen bewegwijzerd. De "a" die ik volg loopt in wijzerzin. De "b" andersom. 

Van contrast gesproken: ineens ben je te midden van een mooi landschap met dijken, weilanden en meertjes. En zo vlak als het maar kan zijn. Monnickendam is het eerste stadje op je route. Daarna langs de polder van Katwoude naar Volendam. Wat een tegenstelling met Monnickendam. Een platgelopen toeristische attractie, overal souvenirwinkeltjes getooid met bontgekleurde vlaggen. Bussen rijden af en aan om de toeristen op of af te halen. 

Edam is dan weer de rust zelve. Het haventje, het kanaal waar nog een aantal scheepswerven actief zijn. Daarna krijg je een deel van de 125km lange Westfriese Omringdijk voor je wielen geschoven. Helaas moet je aan de landzijde fietsen. Maar je kunt gelukkig regelmatig de dijk op om het Markermeer te bewonderen. Hoorn is ver genoeg voor vandaag. Wat een stad! De stadsrechten stammen uit 1357. Dat Holland in de Gouden eeuw een machtige en welvarende stad was is aan de gebouwen zeer goed te zien. Herenhuizen, pakhuizen alle zijn het stuk voor stuk pareltjes van bouwkunst. 

Overnachten gebeurt via "Vrienden op de fiets". Deze organisatie onderhoudt een uitgebreid netwerk van logeeradressen verspreid over het gehele land. Maar ondertussen bestaat het ook al in België, Duitsland en Frankrijk. Overnachtingadres, gelegen in hartje stad is gauw gevonden. De ontvangst is uiterst gastvrij. De fiets veilig en wel op stal, een douche en de eerste dag kan alvast niet meer stuk.
Fotoalbum.
 

Dag twee: Hoorn-Den Oever: 72km

           De gastvrouw heeft voor een lekker en stevig ontbijt gezorgd. Nog wat uitleg ivm de route want er zijn dijkversterkingen aan de gang net buiten Hoorn nemen we afscheid. Het zadel in; voorlopig geen Zuiderzeebordjes volgen want er wordt de fietsers een omleiding opgelegd. Zoals steeds bij omleidingen moet je het na een tijdje zelf zien te rooien. Dwars door een industriepark, straat in straat uit om de dijk niet uit het oog te verliezen. Na een poos is de dijk bereikt, maar het ziet er niet te fraai uit. Vrachtwagens rijden af en aan. Het dijkpad is herschapen in een modderbrij. Rijden gaat nog, maar bij de eerste zijstraat zeg ik adieu dijk! 

Met het routekaartje is een alternatief uitstippelen kinderspel. Even voorbij Venhuizen kan ik dan toch weer de dijk op. De Markerwaarddijk die Lelystad met Enkhuizen verbindt is nu goed te zien. Enkhuizen is een parel van een stad. Van hier kun je de veerboot nemen naar Stavoren. Het Zuiderzeemuseum leert je alles wat je nog niet wist over de streek waar je nu bent. Ik bezoek daar het Flessenscheepjesmuseum. Uniek aan de collectie is dat elk schip er een is die ooit gevaren heeft. Een film toont je hoe je zoiets tot stand brengt. Behalve wat handigheid, zeer veel geduld me dunkt. 

Dan door Polder Grootslag naar Medemblik. Alweer een zeer mooi, ooit welvarend stadje. Kasteel Radbout is een lust voor het oog en de camera. Hier zeker je mondvoorraad op peil brengen want het is 22km naar den Oever. Tussenin is zo goed als niets te vinden. Je fiets nu door de Wieringermeerpolder. Brede, kaarsrechte tweevaksweg die oplost in het niets. Tussen de dijk en de weg een strook akkerland van 50 meter breed. Gelukkig zit de wind goed en vlotjes bereik ik Den Oever waar mijn bed voor de nacht klaarstaat. 
 
Fotoalbum.
 

Dag drie: Den Oever-Stavoren: 60km

           Den Oever biedt de bezoeker een mooi, uitzicht op de Waddenzee. Wat me meer bezighoudt is de windrichting. Gelukkig glijden de wolken de richting uit die ik volg. Dus dat wordt een fietsfeest op die ellenlange Afsluitdijk. Een stop bij het monument met uitkijktoren ter ere van Cornelis Lely toenmalige minister van Waterstaat en voorstander van inpolderen en afsluiten van de Zuiderzee. Op de loopbrug krijg je een mooi uitzicht op de Afsluitdijk. Terug het zadel in want van de 30 km die de dijk telt zijn er nog niet zo gek veel bedwongen. De wind helpt fors mee. 

Eigenaardige vaststelling: regelmatig kom ik rustbanken tegen. Ha fijn zou je zeggen, jaja maar ze werden geplaatst aan de andere zijde van de dijk! Dus niet bereikbaar voor de arme fietser! Foei Cornelius Lely! Tenzij het plan ondersteboven werd gehouden toen die dingen werden geplaatst? De doodvermoeide automobilist kan er maar wel bij varen. 

Friesland komt vlotjes dichterbij, terwijl wat ik achter me heb gelaten nog slechts een dunne streep aan de horizon is. 

Wanneer ik de dijk verlaat is Friesland bereikt. Het plaatsje Makkum met de oude scheepswerf is een bezoek meer dan waard. De imposante kerk is tegen de som van één euro te bezoeken. En dit komt ten goede aan de restauratie. Het marktplein net voor de kerk is beschut tegen de wind. Talrijke terrasjes nodigen uit tot een (koffie)pauze. 

Na het volgende dorpje Gaast rij je op een smetteloos betonbaantje langs de voormalige kwelder naar Workum. Hindeloopen, eveneens en parel van een plaatsje. Dan bereik je Stavoren. Gezelligheid troef hier. Het haventje, de smalle hellende straatjes. Kortom je wilt hier nooit meer weg. 

Het Roode Klif dat je daarna op je weg ontmoet is een kleileembult van 10m hoogte. Lach maar, in dit overigens vlakke landschap is dat toch een berg hoor. De boodschap "Liever dood dan slaaf" is de trotse Friese boodschap op een grote steen. Herdenkt de slag bij Warns in 1345. Daarna moet ik de route verlaten. Mijn bed voor de nacht bevindt zich te Elahuizen en dat is een eindje van hier. 
 
Fotoalbum.
 

Dag 4: Stavoren-Vollenhove: 68km.

           Gastvrijheid is ook te Elahuizen geen ijdel begrip. Het weer is rotslecht wanneer ik na het stevige ontbijt vertrek. Storm en regen, gelukkig is de windrichting prima. Eerst de aanloop naar de route afwerken. Waar ik volgens de gids terug op de route zou moeten zijn is er geen bordje te zien. Ik volg de kaart en zie, na een poos zijn de bordjes er weer. Parcourswijziging wellicht. 

Het regent en waait duchtig. Te Lemmer hou ik een koffiestop, geen zin om het mooie stadje echt te bekijken. Het barre weer laat dat niet echt toe. Na Lemmer klaart het op en vertoef ik middenin het niets. Nergens bebouwing, langs de dijk, grazen schapen, in de verte zie ik koeien en dat is alles. De Weerribben is een uitzonderlijk gebied. Hier geeft de batterij van het fototoestel de geest en moet ik al dit fraais vastleggen op het netvlies. 

Blokzijl dat je nadien te zien krijgt is alweer een dergelijk gezellig stadje. Een voorschoot groot, maar je zou er urenlang kunnen vertoeven. De ophaalbrug middenin het centrum gaat regelmatig open om de pleziervaart door te laten. Langs het Vollenhovermeer kom ik in Vollenhove, de volgende overnachtingplaats. Eerst nog de route verder volgen het is immers nog veel te vroeg om te gaan aanbellen. De Wieden is net als de Weerribben van daarstraks een bijzonder gebied. Vanuit het bezoekerscentrum kun je kano huren om dit alles te gaan verkennen. Er worden ook avondtochten met gids georganiseerd. Na een ommetje begeef ik me naar mijn overnachtingadres. Hoeft het nog gezegd: ook hier een uiterst gastvrij onthaal. 
 
Fotoalbum.
 

Dag5: Vollenhove-Harderwijk: 68km.

           Na een weldoende nachtrust gaat de voorlaatste dag in van deze tot nu toe vlekkeloos verlopen tocht. Op aanraden van de gastvrouw neem ik een alternatieve route langs het "Koeiedijkje". Dit alternatief mag er zijn. Al fietsend bovenop de dijk krijg je een knap uitzicht op het Vollenhovermeer. Niets van bebouwing te bespeuren, je bent alleen met de koeien! Een stukje langs de N331 en rechtsaf naar Genemuiden. Een betalend veer "Wij laten u niet zwemmen" brengt me naar het stadje. Op weg naar Kampen raak ik precies het spoor bijster. Ik heb geen flauw idee meer waar ik me bevind. Tov mijn oud gidsje werd het parcours gewijzigd. Bewegwijzering is perfect, maar ben een beetje het noorden kwijt. 

IJsselmuiden ben ik gauw doorheen, dan sta ik oog in oog met de IJssel. De knap geconstrueerde ophaalbrug brengt me naar Kampen, de machtigste handelsstad in de 13e en 14e eeuw. En dat is nog altijd goed te zien. Een koffiepauze in het mooie centrum en dan op zoek naar een bakker. Bij het water vind ik een eerste klas picknick plaats uit de koude wind en het zonnetje. Even voorbij Kampen zijn er serieuze wegwerken. De bordjes zijn hier en daar "verdwenen". Geen bord is rechtdoor en je komt er wel. Na het kleine Noordeinde zet je koers door de quasi onbewoonde Polder Oosterwolde. Denk even de hoogspanningsmasten weg en je waant je een heel eind in de tijd terug. 

Zo ook te Elburg, dat stadsrechten kreeg in 1233. Het versterkte stadje is echt heel mooi. Op deze doodgewone werkdag wemelt het er van de kuierende toeristen. Het haventje, de wallen ademen historie uit. Daarna kom je voorbij een monument ter ere van de door de zee in 1825 verzwolgen St Ludgeruskerk. Op weg naar Harderwijk is het afwisselend polder, bos bungalowparken dat je ontmoet. Ook hier is het parcours gewijzigd maar perfect bewegwijzerd. Langs de spoorlijn rij ik de stad binnen. 
Te Harderwijk ga ik overnachten, dus ver genoeg voor vandaag. 
 
Fotoalbum.
 

Dag 6: Harderwijk-Amsterdam: 71km.

           Lekker weertje op deze laatste dag. De wind zit wat tegen helaas. Mooi traject langs het Nuldernauw. Dat je hier op zandgrond fietst bewijzen namen als strand Horst, strand Nulde. Afwisselend rij je door het lommer van bos, dan weer open vlakte. De autosnelweg raast vlak naast je. Het gefluit van de talrijke vogels overtreft bijna het autogerij. Het stoomgemaal Hertog Reijnhout met unieke buitenschepraderen lijkt prima om een eerste pauze in te lassen. Een bijdrage wordt gevraagd om het gemaal te bezoeken. Binnenin staat een intacte, zeer goed onderhouden stoommachine je op te wachten. 

Te Spakenburg vergaap ik me aan de bottervloot. De mooie botterhaven en de werf doen me de tijd vergeten. Marktdag en ik zie twee vrouwen in traditionele klederdracht. Het zou geen kwaad kunnen je te voorzien van spijs en drank want na Spakenburg kom je in de leegte terecht. Een pontje (niet op zondag) brengt je veilig en wel de Eem over. Wat je netvliezen daarna te verwerken krijgen is niet mis. Eemland: open en vlak landschap, zover je maar kunt zien. Zijn we nog in 2009? 

Te Huizen genietje dan weer van knap uitzicht over het Gooimeer. Je fiets er nu vlak langs; Even buiten Huizen fiets je kilometers lang door bos. Soms is er geen bordje te zien: niets is rechtdoor! Naarlen is een versterkt stadje. Gezellig, veel volk en de moeite om even de fiets af te komen. Daarna staat er weer wat bos je op te wachten. Lekker koel hier op deze warme dag. Muiderberg en Muiden zijn de volgend plaatsen op je tocht. Bij het Muiderslot is er mogelijkheid tot inschepen voor een bezoek aan Fort Pampus. Je kijkt nu op het IJ-meer. 
Amsterdam is niet ver meer. Een stad binnenkomen is makkelijker dan verlaten. In een wip ben ik bij het Centraal Station en is deze zesdaagse voorbij!