Toeren langs grenzen

 Landsgrens, provinciegrens, gewestgrens en de taalgrens daar krijg je tijdens deze mooie tocht mee te maken. Inspiratie vond ik in het boek: "Fietsen in de grensstreek ten zuiden van Vlaanderen" door Ward Van Loock. De tocht heb ik enigszins aangepast. Niettegenstaande je in het Heuvelland rondtoert komen steile beklimmingen in deze tocht niet voor. Waar je wel mee te maken krijgt is grenzeloos fietsplezier.

          Op het marktplein van het stadje Mesen vind je zeker plaats voor je wagen. Klein, amper 358ha en 1000 inwoners maar oud want het wordt voor het eerst vermeld in 983. Toen een nederzetting langs de heirbaan Keulen-Boulogne. WOI, de "Groote Oorlog" heeft hier serieus huis gehouden. Op het plein zijn er een aantal relicten te bekijken. Het stedelijke museumleert de bezoeker alles over het wel en wee van het kleine stadje. Mesen heeft taalfaciliteiten voor Franstaligen. Het heeft als naaste buur een strook Henegouws grondgebied dat geklemd ligt tussen het Vlaamse Heuvelland, en het Franse Armentières.

 

Mesen.

 

          Via de Slijpstraat (of knooppunt52) verlaat je Mesen. De wettelijk beschermde oude buizen-en pannenbakkerij net buiten Mesen is het bekijken meer dan waard. Beschermd ja dat wel maar wat gaat men er precies mee aanvangen? Vervallen tot en met, er ligt nog van alle soorten materiaal overal in het rond verspreid.

 

Buizen-en pannenbakkerij.
Buizen alom.
Wettelijk beschermd.
Materiaal.

 

          De weg gaat golvend op en neer maar echt steil wordt het nooit. Mooie vergezichten en rust dat is wat je meermaals zult gewaar worden. Ondertussen ben je de taalgrens en de provinciegrens overgestoken. In de verte zie je het kerkje van Houthem al opdoemen. Kijk uit voor de groene Ravel wegwijzer aldaar. Die wijst je de weg naar het oude kanaal Ieper-Leie. De verbinding tussen de Leie en Ieperleekanaal moest bijdragen tot de bloei van de Noord-Franse industrie. Helaas de bodemgesteldheid gooide roet in het eten. Grondverschuivingen, verzakkingen veroorzaakt door onstabiele kleilagen bezorgden allen die met de bouw van het kanaal te maken hadden grijze haren. En tijdens WOI lag alles stil. Het kanaal werd nooit afgewerkt en nu is dit een schitterend wandel- en fietsgebied. 
Voor alle duidelijkheid: het kanaal NIET oversteken maar rechtsaf slaan en het rechterjaagpad volgen. Het leidt je in alle rust naar de Leie. Linksaf kun je naar het Provinciaal domein "De Palingbeek" maar daar gaat het nu niet om. Het kanaal is overwoekerd met bomen en struikgewas. Hier is alleszins geen scheepvaart meer mogelijk. Het infopaneel vertelt je alles over de historie van dit afgedankte kanaal.

 

Ravel.
Overwoekerd.

 

          3,5 km lang zal het oude kanaal je gids zijn. Het smalle betonnen pad is net breed genoeg om tegenliggers te kruisen of iemand in te halen. Wat verder kom je de restanten van een sluis tegen. De plaats waar de deuren zouden moeten zitten is goed zichtbaar. Tot Houthem was het kanaal bevaarbaar. Hier zal nooit nog een schip versast worden. 
Maar dit verwezen kanaal staat heden ten dage nog altijd beschreven als 'bevaarbare waterweg' en is derhalve eigendom van het Vlaamse Gewest en wordt 'beheerd' door de Dienst der Kust.

 

Rustig fietsen.
Oude sluis.
Bevaarbaar?

 

          Net voor je Comines (Komen) bereikt kruis je een smal betonnen pad. Het is de oude spoorlijn Comines-Armentières. Volgens een infopaneel kun je dit pad volgen tot in Armentières maar dit lijkt me uiterst twijfelachtig. Ik neem me voor onderweg een steekproef te houden. In een parkje bevindt zich een monument voor de gesneuvelde Britse soldaten in mei 1940.

 

Mei 1940.

 

          Het laatste deel van het kanaal is niet meer dan een brede geul met een streep water. De monding van het oude afgedamde kanaal bestaat uit twee buizen van 30cm diameter die het overtollige water lozen in de Leie. Links zie je de skyline van het Franse Comines, maar we gaan rechts. Je passeert een sluis en de baan versmalt tot de breedte van een jaagpad. Wat nu op het menu staat is 16km Leiefietsen tot Armentières. Aanvankelijk kaarsrecht, de Leie werd immers in de loop der jaren rechtgetrokken. Algauw mag je enkele flinke bochten nemen. Net voor het volgende dorp Warneton (Waasten) is er een picknick plaats met barbecuevoorziening. Vergeet geen houtskool mee te nemen op deze tocht.

 

Skyline van het Franse Comines.

 

          Grenzen daar is het tijdens deze tocht om te doen. Links ligt Frankrijk, rechts België. De Leie vormt hier sedert 1713 de grens met het Franse Departement du Nord. Comines werd netjes in twee gesneden, een deel Frans en een deel Belgisch. Allebei hebben ze hun originele benaming behouden. 
De St Peter en Paulus kerk van Waasten (Warneton) staat op een hoogte en is al van heinde en verre te zien. Langs de kade wordt de hand gelegd aan de bouw van een brouwerijmuseum. 
Tijd voor een koffiepauze, thv de brug over de Leie rechtsaf om het stadje in te rijden. Op de hoek van het marktplein, dichtbij het stadhuis valt mijn keus op "Musée du Telephone". Een opmerkelijke verzameling toestellen is voorgesteld in een zaaltje van het café "à l'Hôtel de Ville" in Warneton. Een leuke stopplaats.

 

Warneton.

 

          Musée de la Rubanerie (weefgetouwen) is eveneens zeer de moeite waard. Na dit intermezzo keer je terug naar de Leie. En rechtsaf, via de fraai heraangelegde "Quai Verboekhoven". Deze kade getuigt van de vervlogen rijkdom van Waasten. Hier floreerde ooit de vlasindustrie. De kade dankt zijn naam aan de schilder van landschappen en dieren die hier werd geboren in 1798. Zijn werken leverde hem toen internationale faam op. 
Een paar jaartjes geleden was dit hier net geen vuilnisbelt, maar men heeft knap werk geleverd.

Herinner je het betonpad dat je kruiste te Comines? Volgens het infopaneel zou dit doorlopen tot Armentières, maar niets is minder waar! Tot hier en niet verder. De spoorberm is verder een slijkerig karrenspoor. Het is net of er is een tankregiment doorgereden. 
Och ja hoop doet leven, nietwaar? Misschien kunnen we binnen enkele jaartjes alhier naar Armentières fietsen.

 

Quai Verboeckhoven.

 

          Het gaat vlotjes en algauw ligt Warneton een heel eind achter je. Bij de samenvloeiing met "La Deule" de rivier die je tot bij Rijsel brengt zou je de "Pont Rouge" moeten oversteken. Helaas, is deze Baileybrug wegens de uiterst gammele staat afgesloten en moet een omweg worden gevolgd. Zo simpel als niets, rechtsmeedraaiend de eerste straat links en terug rechts meedraaien. Op de T linksaf. Wat verder ben je getuige van hoe men klei voor de steenbakkerij uit de grond haalt. Een stille getuige van WOI ligt in de graskant te wachten tot DOVO hem ophaalt om te ontmantelen. Je passeert het autospeedwaycircuit van Warneton. Bij het eerste kruispunt neem je links en rechtdoor tot de Leie. 
De geel-blauwe markeringen op palen, ed. van de LF52 Guldensporenroute kunnen je ook van dienst zijn, maar de omleiding is gemakkelijk te doen.

 

Pont Rouge.
Stille getuige.
LF52.

 

          Eventjes tot Frelinghien (ooit Ferlinghem) waar een monument dat een Franse poilu voorstelt herinnert aan WOI. Het kerkje mag er ook zijn. Al gans de tijd fiets je langs de landsgrens. Aan de overkant ligt België. Terug naar de Leie. Langs de rivier wordt het nooit eentonig. Een paar pedaaltrappen verder tref je een parkje aan met infopaneel over de geschiedenis van dit dorpje. Het jaagpad bestaat nu uit roze grind, maar het fietsen gaat prima. Net voor Houplines tref je weer een dergelijke rustplaats aan.

 

Pont Rouge.
LF52.

 

          De rust en stilte die je ondervindt langs de Leie kan ik hier niet weergeven. Aan de overkant tref je hier en daar inhammen van afgesneden Leiearmen aan. Die plaatsen zijn telkens weer natuurpareltjes. 
Te Houplines kun je dergelijke afgesneden Leiearm vereren met een bezoekje. Of wat overblijft van wat ooit een binnenhaventje was. Een afgedankt sluisje overspannen met een boogbrugje. Pittoresker kan bijna niet. Om dit fraais te aanschouwen: bij de rustplaats het smalle asfalten pad volgen dat links van het jaagpad wegdraait. Volgen en via het boogbrugje naar de andere kant. Helaas op het einde moet je met je fiets via een trap de dam over. Maar het is de moeite waard. Aan de andere zijde via een trap afdalen en de Leiearm gewoon volgen tot het jaagpad is bereikt. Vooraleer af te dalen rij ik eventjes het dorp binnen. Daar valt mijn oog op een kleurige tegelversiering boven een schoolpoort. 
De wafel, het oudste gebak van onze streken daar kom je alles over te weten in het wafelmuseum annex bakkerij "la gaufre du pays Flamand". In de middeleeuwen werd de wafel op feestdagen verkocht meestal in de omgeving van kathedralen. Hier hebben ze de lekkernij in alle soorten en maten! Zeker bezoeken.

 

Pittoresk binnenhaventje.
Kleurig.

 

          Het roze grind van daarnet gaat geleidelijk over in asfalt. Armentières is nu dichtbij. De afgesneden Leiekronkel is hier stadspark. Een oase van groen. De stad heeft erg geleden onder de beide wereldoorlogen. Spijtig is wel dat de invalswegen dwars door het stadje lopen en veel autoverkeer aantrekken. Op het marktplein staat een imposant belfort. 
Wil je het bezoeken? Wanneer aan de overzijde de bebouwing ophoudt, de Leie verlaten en dit is de Rue des Fusillés. Deze volgen en de borden "centre" doen de rest. Voor je het weet sta je oog in oog met het belfort. Helaas voor mij is het marktdag (vrijdag) en voor een foto is dat niet zo best. De gezellige drukte van de bewoonde wereld doet vreemd aan na al die rust langs de Leie. Via dezelfde weg terug.

 

Groen Armentières.
Belfort.

 

          Aan de overzijde ligt de etang du Pres de Hem. Een enorme vijver, omringd door een afgesneden Leiearm. Een uitgelezen watersportgebied. De volgende brug onderdoor en links via de parking van een sportveld kom je op een rotonde. De D933, een drukke kaarsrechte invalsweg volg je nu tot de eerste zijstraat "Rue de Gand". Het minpuntje van deze route. Maar je hoeft de drukte slechts een paar honderd meter te overleven. 
Deze Rue de Gand volg je steeds rechtdoor door een gezellige woonwijk. Op het einde rechtsaf. Het kronkelt wat maar volg gewoon mee. 
Bij een rustplaats met zitbank en een mooie, maar ietwat scheve vuurtoren uit polyester sla je de laatste keer linksaf. Op het einde bij de grotere baan tref je een café aan. Daar linksaf en wat verder bij een schoonheidssalon rechts. Voila je kunt nu terug genieten van rust en stilte.

 

Mooi en scheef.

 

          Via de Rue de Mitoyenne (Gemenestraat) rij je noordwaarts. Links is Frans grondgebied en rechts Belgisch. Om volledig te zijn: een smalle strook West-Vlaanderen. Een paar vierkante kilometer. Daarna rij je terug Henegouwen binnen. De Franse elektriciteitspalen zijn van hout, de Belgische uit beton. Links zijn de huizen iets slordiger dan rechts. Op het einde even rechtsaf en onmiddellijk links. 
Door al dat overschrijden van verschillende grenzen zou een mens bijna vergeten welke mooie streek dit hier is. De heuvelrug voor je is je volgende doel.

 

Eindeloos.
Volgend doel.

 

          De straatnaam verandert hier om de haverklap van Nederlands naar Frans en terug Nederlands. De (taal)grens maakt hier wel erge kronkels. 
Een lange zachte helling brengt je tot Nieuwkerke. Het oude schoolgebouw werd omgevormd tot vakantiedomein. En heet"De Bosgeus". Hier staan twee trekkershutten op een droom van een locatie. 
Nieuwkerke is tevens Geuzendorp. Ik ga er niet over uitwijden maar hier kom je er alles over te weten.

 

Droomlocatie.

 

          Tijd om nog eens de remmen dicht te knijpen.Een ommetje naar Wulvergem, meerbepaald "café-restaurant La Basse Ville". Hier komen wel meer fietsers een natje of droogje nuttigen, maar vandaag staan er ontelbare nogal grote rugzakken tegen de gevel. Een groep jongeren is hier aan een wandelvakantie bezig blijkbaar.

Terug naar de route. Starplaats Mesen, met de karakteristieke kerktoren komt stilletjes in zicht. Maar de tocht maakt nog een ommetje. Van fietsknooppunten hoe gemakkelijk ze ook moge zijn, vandaag trek je je daar niks van aan. Terug langs rustige wegen die telkens weer hun naam in de andere landstaal laten zien.

 

Vergezicht.

 

          Langs de weg leer ik dat hier tot WOI een kasteel zou gestaan hebben. Toen helemaal vernield en nadien afgebroken. Ik passeer een verkoop in oude bouwmaterialen waar zeker een en ander van het kasteel bij ligt. 
Bij de baan Mesen-Armentières rechtsaf en de eerste straat linksaf. Je passeert een Brits oorlogskerkhof en ontelbare wegwijzers naar andere in de omgeving. Hier is duchtig gevochten zoveel is zeker. 
Hou halt een eindje verder bij een houten kruis aan je linkerzijde. Op deze plaats zou het Kerstbestand van 1914 begonnen zijn. Beide partijen waren er rotsvast van overtuigd dat ze na een gemakkelijke overwinning tegen Kerstmis terug thuis zouden zijn. 
Dit draaide even anders uit. Tegen Kerstmis zaten ze verwikkeld in een uitzichtloze stellingoorlog die god weet hoelang zou duren.

Rond Kerstmis 1914 hadden de weersomstandigheden oorlogshandelingen onmogelijk gemaakt en lagen beide legers tegenover elkaar in de loopgraven. Een sfeer van "leven en laten leven" ontstond. Rond Kerstmis gingen soldaten zelfs bij de vijand Kerstmis vieren in de loopgraaf, rondom een kerstboom, en werden cadeaus uitgewisseld. De dag erna volgde een voetbalwedstrijd in het niemandsland, die de Duitsers overigens wonnen. De merkwaardige situatie aan deze fronten duurden slechts enkele dagen. Men waarschuwde elkaar zelfs als er een aanval zou komen. Als er in de loopgraven bezoek kwam van de legerleiding werd de tegenstander hiervan verwittigd en werd er duchtig heen en weer geschoten, over de hoofden heen. Het initiatief voor dit bestand werd aanvankelijk op Kerstavond door de Duitse troepen genomen. De dag nadien werden alle lijken die nog in het niemandsland lagen geruimd.

Onnodig te zeggen dat de legerleiding hier flink mee verveeld zat. 
En om even bij grenzen te blijven: de frontlijn liep toen pal van oost naar west (of omgekeerd) over de akker achter het kruis.

 

Kerstbestand 1914.

 

          De laatste rechte lijn tot de finish. Een paar keer links-rechts en je bent op weg naar Mesen. Het zicht op Mesen is enorm. Tijdens WOI wisselde deze strategisch belangrijke heuvelkam een paar keer van "eigenaar". Ene Adolf Hitler zou hier gewond en verzorgd zijn geweest. 
De potloodvormige toren links van Mesen is die van het Ierse Vredespark. 
In het Ierse Vredespark in Mesen staat een ronde toren als monument ter ere van alle gesneuvelden van heel het Ierse eiland die religieuze en politieke verschillen overstijgen.

Een lange helling, die hoe dichter bij Mesen alsmaar steiler wordt. Van laatste loodjes gesproken. Je komt terug op het marktplein waar je deze tocht bent begonnen. Routekaartje:

Routekaart.